Laat dan

  Laat dan de zon zacht onder gaan en traag, alsof de nacht nooit komt Laat dan het water rustig over het strand rollen alsof het oneindig verder gaat en laat dan je tranen warm aanvoelen alsof een leven wel eindigt maar liefde nooit verdwijnt…

Blauw zijn

  Blauw zijn en dromen van ochtenden zonder zorgen van eindeloze dagen met jou. Zacht zijn en leven in een betoverende wereld in een mensenleven klein en zonder pijn. Mooi zijn en blij, jou zijn, mij zijn en wij, alles en niets zijn, nergens en overal, gewoon … Zijn.

Vaag

  Vaag zei je iets. Ik begreep het niet, maar glimlachte. Vaag glimlachte je terug. En niets werd duidelijk, maar tegelijk ook alles: Leven is tijdreizen, maandromen, hartenvullen, sterrenplukken, stampvoetendansen stil worden, en vaag en vloeibaar jou omhelzen.